Een van de redenen voor het upgraden van mijn DCC-systeem was RailCom, oftewel terugmeldingen via de DCC-bus. Wat je hiervoor nodig hebt was mij al bekend:
- geschikte boosters (speciale aanpassingen voor het doorlaten van het RailCom-signaal
- een terugmeldbus voor de RailCom-data
- decoders met RailCom-functionaliteit.
Ik heb in een eerder berichtje al een overzicht gegeven van alle systemen, en het door mij gekozen systeem: het Bidib-systeem van OpenDCC-guru Wolfgang Kufer. Nu er een deel van de baan gereed was, had ik de mogelijkheid om de decoders in de praktijk te testen. Ik kwam een paar verrassende dingen tegen:
- ESU LokPilot 3.0 DCC-decoders ondersteunden weliswaar RailCom, maar volgens een verouderde standaard, waardoor ze 'vreemde' snelheidsgegevens uitstuurden tijdens het rijden.
- ESU Lokpilot 4.0 DCC-decoders werkten prima, programmeren via RailCom (POM) werkt ook prima.
- De Zimo geluidsdecoder die Fleischmann gebruikt in mijn nieuwe lokset (Beierse D VI) meldt ook de snelheid terug, maar dan correct, hierbij werkt ook POM heel goed.
Gelukkig melden alle Railcom-decoders wel prima hun adres terug, dus kan ik prima de melders gebruiken zoals ze bedoeld zijn: om een betrouwbare terugmelding te krijgen over welke loc waar staat.
Helaas hielp bij de 'oude' ESU lokpilot decoders zelfs het updaten van de firmware niet tegen het verouderde railcom probleem; daarnaast viel het me op dat zelfs pas gekochte decoders met verouderde firmware worden uitgeleverd.
vrijdag 5 december 2014
Licht en Beweging
Hoewel het hoofddoel van de modelbaan natuurlijk het treinenbedrijf is, is de scenery minstens zo belangrijk. De omgeving van het spoor moet ook een beetje 'leven': industrie, huizen, lichten...
Om dit te gebruiken heb je natuurlijk modelbouw, die allerlei bouwmodellen leert voor van alles: huizen, stations, industriegebouwen. Ook kun je veel zelf bouwen, zoals bomen, allerlei attributen naast en op het spoor.
Voor het besturen van al die spullen heb ik gekozen voor Rocnet: omdat ik het programma Rocrail al gebruik, was het een logische keus om voort te bouwen op de modules die Peter Giling al een tijdje ontwerpt. Voorheen waren deze gebaseerd op loconet, maar nu is er een reeks modules die gebruik maken van de raspberry pi.
Het werkt als volgt:
Als eerste bouw je een module die op de raspberry pi geprikt wordt en zorgt voor de communicatie met de andere modules (via i2c), dit gebeurt op basis van 6-polige telefoonkabels:
Om dit te gebruiken heb je natuurlijk modelbouw, die allerlei bouwmodellen leert voor van alles: huizen, stations, industriegebouwen. Ook kun je veel zelf bouwen, zoals bomen, allerlei attributen naast en op het spoor.
Voor het besturen van al die spullen heb ik gekozen voor Rocnet: omdat ik het programma Rocrail al gebruik, was het een logische keus om voort te bouwen op de modules die Peter Giling al een tijdje ontwerpt. Voorheen waren deze gebaseerd op loconet, maar nu is er een reeks modules die gebruik maken van de raspberry pi.
Het werkt als volgt:
(de losse kabels boven de zwarte kabel zijn mijn eigen toevoeging, ik heb namelijk een statusled en -knop op een paneel gemonteerd)
Dan voeg je 1 of meerdere interface-modules toe: er zijn op dit moment 2 soorten modules:
- een input/output module: hiermee zijn 32 in- of uitgangen te realiseren, zoals drukknoppen of sensoren (ingangen) of relais of leds (uitgangen).
- een servomodule: hiermee kunnen regelbare uitgangen worden gerealiseerd, zoals servo's (beweging) of dimbare leds (licht).
Dit is mijn I/O module, hier zijn op dit moment 20 in- en uitgangen mee gebouwd. Voor de scenery heb ik totaal 12 relais aangesloten:
Dit is een 8-voudige relaiskaart, ook van Peter Giling, de spaghetti is de verdeling van de uitgangen over lichtfuncties (4 stuks) en bewegingsfuncties (ook 4 stuks). Voor allebei gebruik ik namelijk een aparte voeding.
Dit is een 4-voudige relaiskaart 'made in china', die ook direct aan te sluiten is. De relais kunnen trouwens ook 230 volt schakelen (!).
De relais configureer je binnen Rocrail, door setup te kiezen van de Rocnet nodes (deze verschijnen vanzelf in het menu, ze melden zich via het netwerk), en dan per connector de configuratie van de poorten aan te passen:
De onderste 4 poorten waren aangesloten op het chinese relaiskaartje, aangezien ik ze activeer door de uitgang laag te maken heb ik ze hier geïnverteerd (waardoor ik ze nu dus activeer door de uitgang hoog te maken).
Je kunt ze dan binnen Rocrail toewijzen aan een uitgang door de naam van de interface te geven (in mijn geval 'Rocnet'), het id van de Raspberry pi node:
En het nummer van de uitgang (in dit geval dus 13 t/m 16). Op deze manier heb ik een aardig dorpsstraatje gebouwd, compleet met draaiende molen, smid met hamer en smidsvuur, en de nodige straat- en huisverlichting.
Universele Modules
Bij onze modelspoorclub ontstond de vraag of we geen H0-modules konden bouwen, die zowel 2-rail als 3-rail aankonden, oftewel zowel Märklin als DCC (even uitgaand van digitale sturing).
De opzet van de modules was als volgt:
Een modulebak met dubbelspoor, 2 secties per spoor, elk met een geïsoleerd railstuk aan de binnenkant die voor de bezetmelding (massamelder) wordt gebruikt.
Alle modules worden aangesloten aan centrale bedienkast met centrale en S88-decoders, die middels RJ45(netwerk)kabels aan worden gesloten aan de modules.
Dit is voor Märklin, voor gelijkstroom/DCC moest er dus van alles worden aangepast. Gelukkig zijn de secties al geïsoleerd, en zijn ze zodanig gekozen, dat met een stel keerlussen er geen problemen ontstaan met de polariteit.
De aanpassing voor DCC die ik heb gekozen bestaat uit de volgende oplossing:
- monteren van stroomdetectiemelders per module, voor maximaal 8 secties (er worden er meestal maar 6 gebruikt, 4 voor de module, plus 2 voor een volgende of vorige module die geen bezetmelders heeft).
- omsteken van een RJ45 kabel aan de melderprint naar de UTP WCD, en vervolgens de RJ45 kabel naar de bedienkast insteken in de uitgang van de melderprint:
Dit is aangesloten aan de 2e RJ45 aansluiting van een dubbele RJ45 WCD. Hierdoor worden de railsecties dus middels de stroomdetectieprint van stroom voorzien, en gaat de uitgang van de detectieprint (optocouplers) naar de S88 decoders in de besturingskast.
De opzet van de modules was als volgt:
Een modulebak met dubbelspoor, 2 secties per spoor, elk met een geïsoleerd railstuk aan de binnenkant die voor de bezetmelding (massamelder) wordt gebruikt.
Dit is voor Märklin, voor gelijkstroom/DCC moest er dus van alles worden aangepast. Gelukkig zijn de secties al geïsoleerd, en zijn ze zodanig gekozen, dat met een stel keerlussen er geen problemen ontstaan met de polariteit.
De aanpassing voor DCC die ik heb gekozen bestaat uit de volgende oplossing:
- monteren van stroomdetectiemelders per module, voor maximaal 8 secties (er worden er meestal maar 6 gebruikt, 4 voor de module, plus 2 voor een volgende of vorige module die geen bezetmelders heeft).
- omsteken van een RJ45 kabel aan de melderprint naar de UTP WCD, en vervolgens de RJ45 kabel naar de bedienkast insteken in de uitgang van de melderprint:
Dit is aangesloten aan de 2e RJ45 aansluiting van een dubbele RJ45 WCD. Hierdoor worden de railsecties dus middels de stroomdetectieprint van stroom voorzien, en gaat de uitgang van de detectieprint (optocouplers) naar de S88 decoders in de besturingskast.
donderdag 16 januari 2014
RocNet
- stroomvoorziening: alle boosters. trafo's en electronica die 'onder de baan' komt wil ik digitaal kunnen schakelen, zodat ik centraal alles kan regelen.
- Bekabeling: zo weinig mogelijk kabels onder de baan, tussen de schakelelementen, naar de besturing
- Bidib: op de site www.bidib.org staat een heel nieuwe standaard gedefinieerd, die zorgt voor een eenduidige aansluiting van DCC centrale, boosters, en terugmelders, inclusief Railcom. Dit ga ik gebruiken voor alle digitale sturing van treinen, wissels, etc. De bekebeling gaat via UTP-kabels.
- RocNetNode: dit is een implementatie van de RocRail software op een RaspBerry Pi; door simpelweg de I/O mogelijkheden van een Raspberry Pi te combineren met Rocrail, krijg je een goedkope manier om maximaal 128 I/O kanalen te gebruiken. Voor de bekabeling wordt ethernet gebruikt via UTP-kabels.
Het blokschema voor de baan ziet er dan als volgt uit:
De baan kent 2 zijden (west en oost), deze zijn fysiek gescheiden door 2 bruggen, dus dit geeft wat uitdagingen qua bekabeling.
Het DCC-signaal wordt aan de oostzijde verzorgd door de GBMBoost, en aan de wetszijde door een aparte booster (booster2). Hier komen nog aanvullende boosters bij voor de wisselsturing, hier gebruik ik bestaande Roco 10764 modules voor, zodat deze de rijstroom niet beïnvloeden.
Aan beide kanten komt een Raspberry Pi, zodat ik aan beide kanten maximaal 128 I/O-poorten heb. Aan de oostzijde heb ik 16 Railcom secties, dit kan eventueel uitgebreid worden naar 48 met de toevoeging van 2 GBM16T modules. De westzijde gebruikt alleen S88 melders, zonder Railcom.
De bekabeling tussen oost en west bestaat uit 2 UTP kabels, 1 voor Bidiib, en 1 voor XpressNet (hierbij gebruik ik maar 6 aders).
De spanningsvoorziening wordt middels relais geschakeld, hierbij is de verdeling als volgt:
- Booster 1: wissels en seinen
- Booster 2: railstroom
- Licht
- Overige schakelspannng (motoren, etc.)
Situatie onder de oostbaan:
- linksboven 5 volt-voeding voor rocnet
- midden de raspi, daaronder de netwerkswitch
- rechts daarnaast de relaiskast, die de 4 rode wcd's schakelt
Labels:
DCC,
Digitaal,
Railcom,
RaspberryPi,
Rocnet
dinsdag 15 oktober 2013
DCC Boosters
Na wat experimenteren heb ik de eerste opzet gemaakt voor de digitale sturing van de baan:
Hier zijn 2 boosters gemonteerd: 1 voor de rijspanning, en 1 voor de decoders (deze gebruiken dus de boosterspanning om te schakelen). Voor de decoders gebruik ik een Roco versterker/booster, die ik met een hulpprintje aangesloten heb.
De andere booster (linksboven) is de OpenDCC Bidi booster.
Verder nog een 16-voudige bezetmelder, een Bidib interface (zie verderop), en 2 IEK wisseldecoders.
Het aansluiten van de Roco booster bleek een klein probleem te zijn: de booster accepteert het DCC-signaal niet (overload lampje springt direct aan), na wat googlen kwam ik erachter dat dit signaal maximaal 10 volt amplitude mag hebben. De uitgang van mijn centrale was ca. 14 volt, dus dit was teveel; met een eenvoudige spanningsdeler heb ik dit teruggebracht naar ca. 7 volt, en nu werkte de booster prima. Het is trouwens een Roco 10764, de gewone versterker dus, maar deze is identiek aan de booster (Roco 10765), op de aansluitingen na (maar ik gebruik maar 1 ingang).
De bidib interface is bedoeld voor de toekomstige uitbreiding: uiteindelijk wordt er bij het andere station een GMB16T/GBMBoost geplaatst, die als centrale en Railcom bezetmelder gaat werken. Ik gebruik deze interface dan om mijn 'oude' S88 melders aan te sluiten.
Nog te doen: het aansluiten van de voedingen middels een relaiskaart, zodat deze softwarematig kunnen worden aan- en uitgeschakeld, en het aanbrengen van een XpressNet aansluitdoos op de voorkant van de module.
- onder elke modulebak een ruimte voor electronica
- hier komen de decoders, de schakelelectronica voor andere zaken, en de verlichting
- onder de stationsbakken komen de bezetmelders
Hier zijn 2 boosters gemonteerd: 1 voor de rijspanning, en 1 voor de decoders (deze gebruiken dus de boosterspanning om te schakelen). Voor de decoders gebruik ik een Roco versterker/booster, die ik met een hulpprintje aangesloten heb.
De andere booster (linksboven) is de OpenDCC Bidi booster.
Verder nog een 16-voudige bezetmelder, een Bidib interface (zie verderop), en 2 IEK wisseldecoders.
Het aansluiten van de Roco booster bleek een klein probleem te zijn: de booster accepteert het DCC-signaal niet (overload lampje springt direct aan), na wat googlen kwam ik erachter dat dit signaal maximaal 10 volt amplitude mag hebben. De uitgang van mijn centrale was ca. 14 volt, dus dit was teveel; met een eenvoudige spanningsdeler heb ik dit teruggebracht naar ca. 7 volt, en nu werkte de booster prima. Het is trouwens een Roco 10764, de gewone versterker dus, maar deze is identiek aan de booster (Roco 10765), op de aansluitingen na (maar ik gebruik maar 1 ingang).
De bidib interface is bedoeld voor de toekomstige uitbreiding: uiteindelijk wordt er bij het andere station een GMB16T/GBMBoost geplaatst, die als centrale en Railcom bezetmelder gaat werken. Ik gebruik deze interface dan om mijn 'oude' S88 melders aan te sluiten.
Nog te doen: het aansluiten van de voedingen middels een relaiskaart, zodat deze softwarematig kunnen worden aan- en uitgeschakeld, en het aanbrengen van een XpressNet aansluitdoos op de voorkant van de module.
zaterdag 6 juli 2013
Thema van de modelbaan: Mijnbouw
Voor mijn nieuwe baan wil ik een stevig industrieel tintje geven aan de scenery: ik wil de bedrijvigheid rond de spoorbaan en de industriële revolutie in beeld brengen. Dit betekent: veel industrie, liefst in beweging.
Nu kwam Busch een tijdje geleden met een leuke serie modellen: 'Bergwerk & Grubebahnen'. Een heel ruime serie, gebaseerd op mijnbouw, compleet met mijnlorries en locjes, en alle gebouwen die daarbij horen. Helaas zijn de meeste zaken op de moderne tijd geënt, met diesellocjes en moderne gereedschappen, maar 1 ding kwam ik tegen wat wel paste bij mijn thema:
Een mijnlift, aangedreven door een watermolen, om de mijnwerkers via een systeem van op en neer schuivende pendels naar beneden en naar boven te brengen.
Gemaakt van echt hout, inclusief aandrijving.
Dit model moet wel in de baan passen, het is geen los model, je kijkt als het ware onder de grond in een dwarsdoorsnede van de mijn.
Nu had ik hier rekening mee gehouden, dus na veel passen en meten heb ik deze in een module ingebouwd:
Het afwerken is nog niet helemaal gedaan, maar de lift functioneert, en komt op een berg waar ook nog een 'nieuwere' mijn komt te staan, met een 'gewone' mijnlift voor de lorries en de kolen. Op de achtergrond de brug over het spoor voor het kleine spoorlijntje van de mijn naar de laadplaats, dit wordt het volgende projectje...
Nu kwam Busch een tijdje geleden met een leuke serie modellen: 'Bergwerk & Grubebahnen'. Een heel ruime serie, gebaseerd op mijnbouw, compleet met mijnlorries en locjes, en alle gebouwen die daarbij horen. Helaas zijn de meeste zaken op de moderne tijd geënt, met diesellocjes en moderne gereedschappen, maar 1 ding kwam ik tegen wat wel paste bij mijn thema:
Een mijnlift, aangedreven door een watermolen, om de mijnwerkers via een systeem van op en neer schuivende pendels naar beneden en naar boven te brengen.
Gemaakt van echt hout, inclusief aandrijving.
Dit model moet wel in de baan passen, het is geen los model, je kijkt als het ware onder de grond in een dwarsdoorsnede van de mijn.
Nu had ik hier rekening mee gehouden, dus na veel passen en meten heb ik deze in een module ingebouwd:
Het afwerken is nog niet helemaal gedaan, maar de lift functioneert, en komt op een berg waar ook nog een 'nieuwere' mijn komt te staan, met een 'gewone' mijnlift voor de lorries en de kolen. Op de achtergrond de brug over het spoor voor het kleine spoorlijntje van de mijn naar de laadplaats, dit wordt het volgende projectje...
Detail van de watermolen, met op de achtergrond de brug:
maandag 17 juni 2013
Railcom / bezetmelders
Voor mijn nieuwe baan wilde ik direct goed beginnen met terugmelders: zoveel mogelijk intelligentie en slimme techniek, en zo weinig mogelijk extra electronica.
Dus wilde ik direct RailCom melders inzetten waar mogelijk. Maar bij het bestuderen van de beschikbare RailCom oplossingen viel me al direct op dat er veel wildgroei was: elke fabrikant had een eigen oplossing voor het aansluiten en gebruiken van RailCom.
Ik besloot om eerst eens een vergelijk te maken van de verschillende systemen, en daarbij te berekenen wat het zou kosten om RailCom te gebruiken, voor het gemak teruggerekend naar de kosten per RailCom aansluiting:
Esu heeft met de ECOS een fantastische centrale op de markt gezet, met veel bedieiningsgemak en uitbreidingsmogelijkheden. Alleen zijn ze voor RailCom wel weer erg behoudend: de EcosDetector heeft maar 4 RailCom poorten van de 16 gebruikte ingangen. Het hele systeem is ook erg prijzig.
Kosten per RailCom melder: ca. € 45 (exclusief ECOS)
Voordelen: degelijk systeem, compleet, uitbreidbaar.
Nadelen: ESU-specifieke aansluiting, maar 4 van de 16 ingangen RailCom, duur.
Uhlenbrock heeft met de Intellibox een van de beste systemen gebouwd, die er op dit moment beschikbaar zijn, en via de LocoNet bus zijn de aansluitmogelijkheden bijna onbeperkt.
Voor RailCom zijn de MarCo modules bedacht, die ook intelligentie aan boord hebben om allerlei acties uit te voeren op basis van de RailCom gegevens.
Kosten per RailCom melder: ca. € 20 (exclusief Intellibox)
Voordelen: ook zonder PC te gebruiken, lokale intelligentie
Nadelen: werkt alleen met Loconet, geen bezetmelding zonder RailCom mogelijk.
Tams heeft voor RailCom speciale melders (RCD-2) in het pakket, die via een andere module (RC-LINK) aan een PC kunnen worden gekoppeld.
Kosten per RailCom melder: ca. € 18 (exclusief centrale)
Voordelen: aparte schakellogica aanwezig
Nadelen: aparte terugmeldbus, PC benodigd.
Kosten per RailCom melder: ca. € 10,50
Voordelen: robuust, maximaal tot 8A(!) belastbaar, uit te breiden met keerlusmodule
Nadelen: aparte centrale benodigd.
Deze betrekkelijk onbekende speler op de markt heeft een nieuwe module, die compleet computergestuurd RailCom kan uitlezen, met uitgebreide mogelijkheden, ook voor meerdere decoders op een RailCom melder.
Kosten per RailCom melder: ca. € 16,50
Voordelen: geavanceerde RailCom functies
Nadelen: PC nodig, aparte terugmeldbus.
De maker van de 'open source' OpenDCC centrale, Wolfgang Kufer, is een stap verder gegaan, en heeft een nieuwe standaard gecreëerd voor het aansluiten van verschillende bouwstenen in een digitaal systeem. De basismodule (GBM16T/GBMBoost) is een gecombineerde booster + 16-voudige RailCom bezetmelder, die middels standaard UTP kabels verder kan worden uitgebreid. Er zijn al uitgebreide lichtdecoders beschikbaar, en een interface naar S88, zodat ook oude niet-RailCom melders kunnen worden aangesloten.
Kosten per RailCom melder: ca. € 10,69 (inclusief centrale)
Voordelen: ingebouwde centrale, uitbreidbaar, XpressNet aansluiting
Nadelen: nieuwe nog niet algemeen gebruikte techniek (BidiBus)
Conclusie: qua kosten zijn de Blücher en Bidib oplossingen het best, alleen krijg je er bij de Bidib oplossing ook nog een centrale bij met USB aansluiting. Ik heb dus besloten voor het laatste, en ook de koppelmodule gekocht voor S88, zodat ik mijn bestaande S88-melders ook kon aansluiten. Het valt te bezien of de Bidibus aanslaat, voorlopig zijn volgens de site zowel Tams als Blücher Elektronik van plan om hier gebruik van te maken, dus dat ziet er goed uit.
Dus wilde ik direct RailCom melders inzetten waar mogelijk. Maar bij het bestuderen van de beschikbare RailCom oplossingen viel me al direct op dat er veel wildgroei was: elke fabrikant had een eigen oplossing voor het aansluiten en gebruiken van RailCom.
Ik besloot om eerst eens een vergelijk te maken van de verschillende systemen, en daarbij te berekenen wat het zou kosten om RailCom te gebruiken, voor het gemak teruggerekend naar de kosten per RailCom aansluiting:
- Esu
![]() |
| Ecosdetect |
Esu heeft met de ECOS een fantastische centrale op de markt gezet, met veel bedieiningsgemak en uitbreidingsmogelijkheden. Alleen zijn ze voor RailCom wel weer erg behoudend: de EcosDetector heeft maar 4 RailCom poorten van de 16 gebruikte ingangen. Het hele systeem is ook erg prijzig.
Kosten per RailCom melder: ca. € 45 (exclusief ECOS)
Voordelen: degelijk systeem, compleet, uitbreidbaar.
Nadelen: ESU-specifieke aansluiting, maar 4 van de 16 ingangen RailCom, duur.
- Uhlenbrock
![]() |
| MarCo |
Uhlenbrock heeft met de Intellibox een van de beste systemen gebouwd, die er op dit moment beschikbaar zijn, en via de LocoNet bus zijn de aansluitmogelijkheden bijna onbeperkt.
Voor RailCom zijn de MarCo modules bedacht, die ook intelligentie aan boord hebben om allerlei acties uit te voeren op basis van de RailCom gegevens.
Kosten per RailCom melder: ca. € 20 (exclusief Intellibox)
Voordelen: ook zonder PC te gebruiken, lokale intelligentie
Nadelen: werkt alleen met Loconet, geen bezetmelding zonder RailCom mogelijk.
- Tams
Tams heeft voor RailCom speciale melders (RCD-2) in het pakket, die via een andere module (RC-LINK) aan een PC kunnen worden gekoppeld.
Kosten per RailCom melder: ca. € 18 (exclusief centrale)
Voordelen: aparte schakellogica aanwezig
Nadelen: aparte terugmeldbus, PC benodigd.
- Blücher Elektronik (http://www.bluecher-elektronik.de)
Kosten per RailCom melder: ca. € 10,50
Voordelen: robuust, maximaal tot 8A(!) belastbaar, uit te breiden met keerlusmodule
Nadelen: aparte centrale benodigd.
- DCC4PC (www.dcc4pc.co.uk)
Deze betrekkelijk onbekende speler op de markt heeft een nieuwe module, die compleet computergestuurd RailCom kan uitlezen, met uitgebreide mogelijkheden, ook voor meerdere decoders op een RailCom melder.
Kosten per RailCom melder: ca. € 16,50
Voordelen: geavanceerde RailCom functies
Nadelen: PC nodig, aparte terugmeldbus.
- Bidib (www.opendcc.de)
De maker van de 'open source' OpenDCC centrale, Wolfgang Kufer, is een stap verder gegaan, en heeft een nieuwe standaard gecreëerd voor het aansluiten van verschillende bouwstenen in een digitaal systeem. De basismodule (GBM16T/GBMBoost) is een gecombineerde booster + 16-voudige RailCom bezetmelder, die middels standaard UTP kabels verder kan worden uitgebreid. Er zijn al uitgebreide lichtdecoders beschikbaar, en een interface naar S88, zodat ook oude niet-RailCom melders kunnen worden aangesloten.
Kosten per RailCom melder: ca. € 10,69 (inclusief centrale)
Voordelen: ingebouwde centrale, uitbreidbaar, XpressNet aansluiting
Nadelen: nieuwe nog niet algemeen gebruikte techniek (BidiBus)
Conclusie: qua kosten zijn de Blücher en Bidib oplossingen het best, alleen krijg je er bij de Bidib oplossing ook nog een centrale bij met USB aansluiting. Ik heb dus besloten voor het laatste, en ook de koppelmodule gekocht voor S88, zodat ik mijn bestaande S88-melders ook kon aansluiten. Het valt te bezien of de Bidibus aanslaat, voorlopig zijn volgens de site zowel Tams als Blücher Elektronik van plan om hier gebruik van te maken, dus dat ziet er goed uit.
Abonneren op:
Posts (Atom)




















